Bouwen aan kennis over agroforestry

leestijd
0

leestijd:
± 0 min.

  • Datum:
  • Auteur:

De aardappelplantjes staan in bloei en steken prachtig groen af tegen de Lelystadse klei. De notenbomen die er op rijen tussen geplant zijn, zijn nog te klein om écht een schaduw te werpen. Aan de voet van de stammen groeien straks prachtige bloemen. Hoe dat elkaar beïnvloedt houden Fogelina Cuperus en haar collega’s van de WUR de komende jaren nauwgezet in de gaten. De WUR onderzoekt agroforestry, onder andere op hun Proeftuin Agroecologie en Technologie in Lelystad. Tijdens de BioVelddag 2019 konden belangstellenden zelf een kijkje nemen.

Bezoeker van biovelddag krijgt uitleg over agroforestry

Toekomst van de landbouw?

Volgens Fogelina zou agroforestry best eens onderdeel kunnen zijn van de toekomst van de landbouw: ‘We bouwen in deze proeftuin aan kennis over een duurzame manier van telen. Natuur is ons huis, nu breken we het in razendsnel tempo af en daarmee doen we ook onszelf geweld aan.’
Voedselbossen zijn hot. Agroforestry nog niet. Het verschil zit hem vooral in de schaalgrootte. ‘Voedselbossen zijn tot dusver meer kleinschalig,’ legt Fogelina uit. Agroforestry zou je ook lanenteelt kunnen noemen. Lanenteelt kan met vee of akkerbouw en gebeurt in stroken vanwege de bewerking en mogelijkheid tot mechanisatie. ‘We willen landbouwsystemen ontwikkelen die mogelijkheden bieden voor een grote groep agrariërs. Zowel qua praktische uitvoerbaarheid van de agronomie als economisch. Een voedselbos leent zich daar nu nog niet voor, maar agroforestry mogelijk al wel. We kunnen uiteraard veel leren van de voedselbossen in het land en de pioniers hebben fantastisch werk verricht. Bijvoorbeeld over de interactie tussen de soorten. Welke bomen en struiken presteren goed, welke juist minder?’

Testen op praktijkschaal

Het onderzoek gebeurt op praktijkschaal. ‘Het perceel is 30 bij 60 meter en we gebruiken de machines die standaard zijn voor veel akkerbouwers’ vertelt Fogelina. ‘We kunnen dus redelijk accuraat zeggen: dit is de opbrengst, het kost zoveel diesel en zoveel tijd.’ In akkerbouwmatige teelten, ook in strokenteelt, moeten boeren elk seizoen opnieuw beginnen. Het systeem blijft in een pionierssituatie. Fogelina: ‘Hoe dat zit met meerjarige gewassen proberen we nu uit. Denk aan hazelnoten of andere vruchten. Het gaat ons daarbij onder andere om de productiviteit en kwaliteit van de gewassen, maar ook om biodiversiteit of bodemkwaliteit. Agroforestry is niet persé nieuw. In Brabant lopen de dieren tussen de bomen bijvoorbeeld en is er een stevig agroforestry-netwerk van boeren. Ook in België, Engeland en Frankrijk zijn ze al langer bezig. De resultaten lijken daar positief.’

Foto van een net geplante boom naast een veld met aardappelplanten.

Voordelen van bomen

Na slechts twee jaar experimenteren is het voor concrete resultaten uit deze proeftuin helaas nog te vroeg. In theorie hebben bomen een aantal voordelen. Bomen helpen tegen hittestress en zorgen voor een beter microklimaat. Een boom is een pomp voor het water en nutriënten en neemt het op uit diepere lagen, waarna het de nutriënten en het water potentieel weer levert aan de eenjarige gewassen. Het gaat bodemverdichting tegen en kan bodemlagen doorboren. En in relatie tot de klimaatverandering: ze leggen koolstof vast. In de toekomst zou dat gunstig kunnen zijn voor eventuele koolstofcredits, waarmee boeren kunnen worden beloond voor de levering van ecosysteemdiensten, als koolstofopslag.

Breder kijken

De proeftuin richt zich niet alleen op de bomen, maar op een twintigtal ‘agroecologische bouwstenen’. Deze bouwstenen kunnen modulair worden toegepast op ieder bedrijf, in meer of mindere mate. In combinatie zorgen ze voor een robuust en biodivers boerenbedrijf van de toekomst. Eén van de andere bouwstenen is strokenteelt. Met strokenteelt is de WUR als sinds 2010 bezig en kunnen ze inmiddels met zekerheid zegen dat het bijdraagt aan de biodiversiteit én preventie en betere beheersing van ziektes en plagen. De opbrengsten zijn goed, de gewassen zijn mooi en doordat er altijd een strook groen is, hebben insecten continue voedsel en schuilgelegenheid.  ‘In 2018 was de kwaliteit van onze kolen veel hoger dan die in monocultuur. Een afnemer van de kolen vroeg ons: hoe is dit mogelijk? Als de kwaliteit dit jaar opnieuw zo hoog is gaat hij zelf ook al zijn kolen in stroken telen,’ geeft Fogelina als concreet voorbeeld.

Naar een nieuw systeem

De transitie naar een nieuw systeem is niet eenvoudig. ‘In het landbouwsysteem dat we nu hebben is decennialang in geïnvesteerd. Alles is gericht op de manier hoe boeren nu werken. Dat is heel efficiënt, maar gevoelig voor plagen en ziektes én in veel gevallen niet bevorderlijk voor biodiversiteit,’ zegt Fogelina. ‘Agroforestry is een ander systeem. In een transitie heb je de eerste jaren verlies, in dit geval van gewasoppervlak van je eenjarige teelten. Maar uiteindelijk moet het een win-win opleveren. Stel je hebt walnootbomen met tarwe, dan is het zo dat die elkaar hopelijk positief beïnvloeden.’ Het streven van de WUR is  een systeem sterk is in de levering van een brede set aan ecosysteemdiensten. ‘Het doel is een robuust systeem. Dan zijn we tevreden,’ besluit Fogelina.

Overzichtsfoto van proefveld met aardappelplanten

Hou mij op de hoogte over nieuws binnen de thema’s

  • Velden aangeduid met een * zijn verplicht
  • Landbouw: Meerdere Smaken
    Regionale Kracht
    Ruimte voor Initiatief
    Het Verhaal van Flevoland
    Duurzame Energie
    Circulaire Economie
    Krachtige Samenleving